Organisatie van het onderwijs

In de kleutergroepen werken we met de methode ‘Kleuterplein’. Van kleuters weten we, dat zij vooral leren door spelen, ervaren en ontdekken. Kleuterplein werkt vanuit thema’s en stimuleert kleuters om de wereld te ontdekken. De methode gaat uit van de persoonlijke beleving en ontwikkeling van elke kleuter.
Deze manier van werken sluit goed aan bij de ontwikkelingsfase waarin de kleuters zich bevinden. Tijdens het werken met deze thema’s bieden de groepsleerkrachten verschillende activiteiten aan die de diverse ontwikkelingsgebieden stimuleren.
In elk thema komen alle tussendoelen spelenderwijs aan bod op het gebied van taal-lezen, woordenschat, rekenen, motoriek, wereldoriëntatie, sociaal-emotionele ontwikkeling en muziek.
Elke activiteit eindigt met een differentiatiestapje omhoog of omlaag. De kinderen kunnen dus op hun eigen niveau werken.

De activiteiten van de kinderen zijn onder te verdelen in vier groepen:
Kringactiviteiten
Iedere dag komen de kinderen een paar maal bijeen in de kring. ’s Morgens wordt er gestart met een activiteit in de kring. Dit kan een kringgesprek zijn waarbij kinderen vertellen over het weekend of een andere gebeurtenis die zij hebben meegemaakt. Wanneer de kinderen vertellen, leren zij gedachten onder woorden te brengen en te luisteren naar elkaar. Ook wordt de kring gebruikt om nieuwe materialen en technieken aan te bieden en instructie te geven over het te maken werk tijdens de speelwerktijd.

Speelwerktijd
De speelwerktijd is een periode van vijfenveertig minuten tot een uur waarin de kinderen, individueel en/of in kleine groepjes werken aan een opdracht, spelen met ontwikkelingsmateriaal, nieuwe materialen of technieken uitproberen en vrij kunnen spelen.
Onder ontwikkelingsmateriaal verstaan wij diverse uitdagende materialen en hulpmiddelen die wij gebruiken om de ontwikkelingsprocessen van de kleuters zo optimaal mogelijk te beïnvloeden.
Hierbij onderscheiden we de ongevormde materialen, speelleermaterialen, vormgevende materialen, de constructie- en compositiematerialen en de materialen voor rollenspel. De leerkrachten begeleiden de kinderen zo goed mogelijk bij de gemaakte keuzes en proberen de interesses van de kinderen te verbreden.

Bewegingsactiviteiten
De kinderen gaan vijf keer per week naar het speellokaal. Daar biedt de groepsleerkracht een gymles aan. Deze les verschilt per dag. De ene keer is het “klimmen en klauteren”, de andere dag bewegen op muziek of een spelles. Als het weer het toelaat, wordt er dagelijks buiten gespeeld.

Expressieactiviteiten
Tijdens de werklessen besteedt de leerkracht veel aandacht aan de expressievakken.
De kinderen kunnen onder meer kleien, schilderen, knutselen, knippen, plakken en tekenen met verschillende materialen. Op deze manier wordt de creativiteit van de kinderen gestimuleerd en komen ook andere ontwikkelingsgebieden, zoals de fijn motorische ontwikkeling aan bod.
We werken met de methode “Moet je doen”. Dit onderwijsleerpakket biedt lessen aan op de gebieden: muziek, dans, drama, tekenen en handvaardigheid.

Groepen 3 tot en met 8
Vanaf groep 3 werkt de school in een jaarklassensysteem. De leerstof wordt klassikaal aangeboden met veel aandacht voor differentiatie.

Taal
Vanaf het schooljaar 2009-2010 werken we met de methode “Taal op maat”. Hiervoor hebben we gekozen omdat deze methode goed rekening houdt met verschillen in competenties van kinderen, het materiaal aantrekkelijk is en goed aansluit bij de belevingswereld van de kinderen. Na toetsing van de aangeboden leerstof krijgen zwakkere leerlingen extra instructie en oefenstof aangeboden.
In groep 4 beginnen de kinderen met de taalmethode, het zwaartepunt ligt bij de spelling. Alle voorkomende spellingsregels komen aan de orde.

In alle groepen worden kringgesprekken gehouden, vaak meerdere keren per week. Op maandag bijvoorbeeld een weekendgesprek, op andere dagen gesprekken over onder andere het thema uit de taalmethode, over de krant/het nieuws of een boekenkring.
Spreekbeurten worden vanaf groep 5 gehouden en worden in groep 3 en 4 voorbereid in diverse kringgesprekken, bijvoorbeeld de boekenkring of de nieuwskring.

Lezen
Vanaf het cursusjaar 2011-2012 maakt onze school gebruik van het trainingsprogramma rond technisch leesonderwijs “Verrassend Passend”. Dit is een programma waarbij Passend Onderwijs en Opbrengstgericht werken er voor zorg dragen dat het technisch leesonderwijs op onze school zo efficiënt mogelijk wordt uitgevoerd.
In groep 3 neemt het leren lezen een prominente plaats in. Op OBS Tuindorp leren de kinderen lezen met de aanvankelijk leesmethode ‘veilig leren lezen’. De methode biedt klassikale lessen aan, ook wel de maanlijn genoemd. Daarnaast geeft de methode veel mogelijkheden om te differentiëren. Zo is er de zonlijn voor de snelle lezers.

Vanaf januari/februari wordt het TUTOR-lezen ingevoerd. Kinderen uit groep 8 gaan dan – na instructie van de leerkracht te hebben gehad – 4x per week intensief lezen met de kinderen uit groep 3.

In de groepen 4 t/m 6 (en deels in de groepen 7 en 8) wordt gewerkt met de methode “Estafette” voor het voortgezet technisch lezen. De methode is verder niet gebonden aan jaargroepen, maar gaat uit van leesniveaus.

Rekenen
Vanaf het schooljaar 2010-2011 werken we met de methode Wereld in Getallen. De methode heeft een duidelijke opbouw: oriëntatie, begripsvorming, oefenen en automatiseren. Er kan zelfstandig gewerkt worden in de weektaak op drie niveaus.

Geschiedenis
Vanaf groep 5 krijgen de kinderen geschiedenis.
Er wordt gewerkt met de geschiedenismethode ‘Brandaan’. Brandaan is een nieuwe geschiedenismethode die de kinderen nieuwsgierig maakt naar hoe het toen was. Levensechte illustraties en spannende verhalen geven de kinderen het gevoel alsof zij erbij zijn. Brandaan is een boeiende reis door de tijd.

Aardrijkskunde
We beginnen dit schooljaar met de nieuwe methode aardrijkskunde ‘Geobas’ voor de groepen 5 t/m 8. Deze behandelt aardrijkskundige thema’s in een regionale context. De stof wordt in kleine porties opgediend; korte, goed leesbare teksten en duidelijke illustraties en foto’s.
Topografie is een integraal onderdeel van de methode. De methode speelt sterk in op het gegeven dat niet alle kinderen gelijk zijn. Naast kernstof is er keuzestof (differentiatie naar belangstelling) en verdiepingsstof (differentiatie naar tempo en niveau).

Natuur en Techniek.
In het schooljaar 2011-2012 hebben we een nieuwe methode Natuur en Techniek ingevoerd. Naast de methode kijken de kinderen van de groepen 5 en 6 naar het schooltelevisie-programma ‘Nieuws uit de Natuur’.
In Utrecht bestaat de mogelijkheid om de kennis der natuur in de praktijk te brengen.
De kinderen kunnen in de schooltuinen werken. Groep 6 gaat van het voorjaar tot de zomervakantie onder schooltijd naar de schooltuinen. Kinderen uit de groepen 6, 7 en 8 kunnen ook op vrijwillige basis hier aan mee doen, maar dan na schooltijd.
We maken eveneens gebruik van het lesaanbod van de Dienst Natuur en Milieu Educatie/NME (schoolbiologie). Deze dienst biedt compleet verzorgde lespakketten aan voor alle groepen.
NB: de groepen 3 en 4 hanteren de methode “wijzer door de wereld”, een geïntegreerde methode waarbij allerlei onderdelen op het gebied van natuur, geschiedenis een aardrijkskunde op het niveau van deze groepen wordt aangeboden.

Techniek
Sinds het schooljaar 2005-2006 doet OBS tuindorp mee aan het programma verbreding techniek. Hierdoor werd het de school mogelijk gemaakt de Techniek Torens aan te schaffen. De Techniek Torens voorzien in een compleet lesaanbod, waarbij alle kerndoelen van techniek worden meegenomen. In de torens zitten ruim 80 lessen techniek voor de groepen 1 tot en met 8. De lessen kunnen zelfstandig, in een groepje of klassikaal worden gebruikt.

Verkeersonderwijs
In de groepen 1 t/m 3 werken de kinderen aan de hand van de methode “Rondje verkeer”. Vanaf groep 4 werken de kinderen uit de verkeerskranten die worden uitgegeven door 3VO (3VO is de naam van de gebundelde krachten van Veilig Verkeer Nederland, De Voetgangersvereniging en Kinderen Voorrang). De kinderen uit groep 7 brengen een bezoek aan de verkeerstuin. Daar krijgen zij praktische oefeningen in het toepassen van de verkeersregels. In groep 8 is er een afsluitend verkeersexamen.
Verkeersonderwijs vraagt meer dan alleen maar het geven van lessen en aan het einde van de schoolperiode het verkeersexamen. Het heeft ook te maken met veiligheid in de wijk, een veilige loop/fietsroute van huis naar school en – wanneer de kinderen naar het Voortgezet Onderwijs gaan – een veilige fietsroute naar hun nieuwe school.
Wij vinden het belangrijk om met regelmaat het onderwerp ‘verkeer’ op de agenda te zetten. Daarbij maakt onze school gebruik van een verkeerswerkgroep. Zij coördineren de extra verkeersactiviteiten en bekijken samen met de andere scholen in de wijk hoe de verkeerssituatie zo veilig mogelijk is voor kinderen.
Samen gaan we proberen dit schooljaar het Utrechts Verkeersveiligheidslabel (UVL) te halen.

Expressievakken
Wekelijks wordt er in alle groepen aandacht besteed aan de creatieve ontwikkeling van de kinderen. Hier gaat het om muziek, tekenen, handvaardigheid, dramatische vorming en dans. Voor het muziekonderwijs maken we gebruik van de methode ‘Moet je doen’.
Het onderdeel “handvaardigheid” is het afgelopen jaar middels een onderzoek onder de loep genomen.
De aanbevelingen uit dat onderzoek worden komend jaar leidraad voor de handvaardigheidslessen.

Engels
Take it easy is een digibordmethode Engels voor het basisonderwijs. De lessen worden ondersteund door een digi teacher, die alle lessen in het Engels spreekt. Luister- en spreekopdrachten worden afgewissled met schrijfoefeningen en spelletjes in het Engels. Een interactieve methode.

Bewegingsonderwijs
OBS Tuindorp is een ‘sportactieve school’. Deze officiële certificering is bedoeld voor scholen die een uitdagend bewegings- en sportprogramma aanbieden binnen en buiten het reguliere lesprogramma om.
De groepen 3 t/m 8 krijgen bewegingsonderwijs van de vakleerkracht gymnastiek.
Het zijn blokuren van 60-70 minuten per week. Dit heeft te maken met het beperkt aantal gymlokalen en beschikbare uren per school.
In elk schooljaar krijgen de leerlingen atletiek-, dans-, spel-, en toestelonderdelen aangeboden. Er wordt zoveel mogelijk gewerkt in circuitvorm. De wachttijden zijn hierdoor minimaal en leerlingen bewegen optimaal.
Regels en afspraken bij bewegingsonderwijs zijn enorm van belang. Door te werken in groepjes leren leerlingen zelfstandig met deze regels en afspraken om te gaan en leren ze zelfstandig problemen op te lossen.
Om veiligheids- en gezondheidsredenen is tijdens de gymles het dragen van gymkleding en gymschoenen verplicht, het dragen van sieraden verboden en het dragen van een hoofddoekje alleen toegestaan in de vorm van een elastische hoofddoek. Bij kinderen met lang haar, moeten de haren vastzitten bij de gymles.